Amsterdam, 1 januari 2026
Landgenoten,
Het jaar 2025 ligt achter ons. Een jaar waarin wij hebben gevierd dat 75 jaar geleden op 25 april 1950 in Ambon de Republiek Maluku Selatan is geproclameerd. Een proclamatie die tot uiting heeft gebracht, dat het Molukse volk na eeuwenlange onderdrukking vrij wilde zijn. Een proclamatie die tot vandaag doorwerkt, in de Molukken én in Nederland.
Na een lange en ongelijke gewapende strijd is uiteindelijk het grondgebied van de Republiek der Zuid-Molukken door de Republiek Indonesië bezet. Maar bezetting betekent niet het einde van het recht op zelfbeschikking. Het recht op vrijheid en zelfbeschikking leeft onverminderd voort.
Op 25 april 2025 heeft de regering een besluit genomen dat richting geeft aan de toekomst van de RMS-strijd. De Grondwet wordt aangevuld met een Preambule. Bij presidentieel besluit is deze Preambule onderdeel geworden van de voorlopige Grondwet. De presentatie ervan op het podium, tijdens de viering van de proclamatie, raakte de kern van ons bestaansrecht als volk. Vertolkt door staflid Regina Parinussa en de heer drs. W. Sopacua versterkt door een indrukwekkende bijdrage van de culturele groep Tala Mena Siwa. Bijzonder was dat de tekst van de proclamatie werd voorgedragen door twee jongeren van de derde/vierde generatie Cejaro Sperwer-Marasabessy en Aicha Hanafi-Patty.
De betrokkenheid van ons volk in Maluku bleek uit beelden. In de video-opname die op 25 april 2025 is vertoond, stonden landgenoten afkomstig van verschillende eilanden en uit diverse religieuze achtergronden. Zij waren de stem van het volk in Maluku.
Deze Preambule is een kompas. Zij is het hart van onze strijd waarin de plicht is geworteld om het recht op zelfbeschikking van het Molukse volk te herwinnen. Zij zegt wie wij zijn. Waar wij van afstammen. Waarom wij, van het noorden tot het zuiden van de Molukken, als volk – nazaten van de Alfoer- ondanks religieuze verschillen, onlosmakelijk aan elkaar verwant zijn. Zij bevestigt dat wij een eilandrijk vormen, met één Molukse nationale identiteit. Verenigd volgens adat rechtelijke verbanden: Uri Siwa-Uri Lima, Patasiwa-Patalima, Ur Siw-Ur-Lim. Dit laatste is niet van toepassing op de Indonesische “Pancasila” dat niet meer is dan een gedwongen opgelegde staatsideologie.
Uit de Preambule volgt onze nationale identiteit als Moluks volk. Wij zien haar terug in de kleuren van onze vlag: blauw, wit, groen en rood. Zij wordt bekrachtigd door onze eeuwenoude nationale kreet Mena Muria!
Het jaar 2025 heeft óók laten zien dat de wereld in hoog tempo verandert. Internationale verhoudingen verschuiven. Conflicten en dreigende conflicten maken mogelijk wat een jaar geleden ondenkbaar was. Staten die onaantastbaar leken, staan onder druk door krachten van binnen en buiten. Dit geldt ook voor Indonesië.
De onderdrukking van de volkeren binnen Indonesië, de armoede en de leegroof van natuurlijke rijkdommen onder meer in Maluku, Papua, en Atjeh gaan voort. Corruptie en ongelijkheid roepen steeds vaker verzet op, in veel delen van het huidige Indonesië . Dat verzet zal niet verdwijnen. Het zal groeien. Daar liggen ook kansen voor de RMS. Indonesië is nog steeds een kaartenhuis. Valt een kaart om dan stort het kaartenhuis -de Republiek Indonesië- in. Maar kansen komen niet vanzelf. Zij vragen om inzet en volharding van het Molukse volk, hier en in Maluku.
Vastberaden treden wij het jaar 2026 binnen in de overtuiging dat wij als volk vroeg of laat de soevereiniteit van land en volk zullen herwinnen.
Opnieuw een historisch jaar in de geschiedenis van het Molukse volk en de RMS. Dit jaar herdenken wij dat op 21 maart 1951 dat de eerste generatie landgenoten en familieleden 75 jaar geleden naar Nederland is gekomen. Gedwongen, al dan niet op basis van een in persoon overhandigd dienstbevel. Een onvrijwillige komst voor tijdelijke duur, in afwachting van een spoedige terugkeer naar een vrij Maluku.
Zonder de proclamatie van de RMS op 25 april 1950 zou menigeen die deze boodschap leest, niet in Nederland een welvarend leven hebben kunnen opbouwen. Het is goed om dit telkens te beseffen. Dit geldt ook voor de derde en vierde generatie.
Een spoedige terugkeer naar een vrij Maluku was meer dan “een belofte” aan de eerste generatie. De Staat der Nederlanden was en is nog steeds gehouden haar internationaalrechtelijke verplichtingen na te komen. In het bijzonder de verplichtingen die voortvloeien uit het verdrag van 27 december 1949 betreffende de soevereiniteitsoverdracht van het Koninkrijk der Nederlanden aan de Verenigde Staten van de Republiek Indonesië. De cruciale verdragsverplichting – die in de kern het recht op zelfbeschikking van het Molukse volk betreft –heeft Nederland overduidelijk verzaakt af te dwingen.
Een historisch en juridisch feit is echter, dat het recht op zelfbeschikking van een volk niet verjaart. Ook niet door erkenning van Nederland van de huidige Republiek Indonesië.
Het moet voor een ieder duidelijk zijn, dat Maluku , Papua, Atjeh tot op heden niet zijn gedekoloniseerd. Het recht op zelfbeschikking heeft het Molukse volk nog immer niet in vrijheid kunnen uitoefenen. Het dekolonisatieproces is dan ook niet voltooid.
De strijd op dit terrein is nog niet gestreden. Het komende jaar zal in het teken staan van het onderzoeken en zo mogelijk het zetten van internationaalrechtelijke stappen met als doel het recht op zelfbeschikking van het Molukse volk op de agenda geplaatst te krijgen. Dat is een enorme uitdaging. Wij zullen die uitdaging met steun van deskundigen op het gebied van het volkenrecht , moeten aangaan. Het moment is nu gekomen. Versterkt door een zichtbare en hoorbare stem vanuit Maluku en een gerichte internationale lobby zal een nieuwe fase in de strijd inluiden. Een cruciale fase, die van ons allen grote inzet en hoge offers zal vergen.
Op initiatief van de stichting Tugu Soumokil zal de onthulling van het gedenkteken van mr. dr. Christiaan Steven Robbert Soumokil op 11 april 2026 in kamp Vught plaatsvinden. Ook dat is een historisch moment. Mr. dr. Soumokil heeft getoond dat strijden voor de vrijheid van een volk gepaard gaat met het brengen van offers. Hij en velen die met hem hun leven hebben gegeven, verdienen het om blijvend herinnerd te worden. Wij mogen echter niet berusten in het feit dat Indonesië weigert bekend te maken waar de stoffelijke resten van mr. dr. Soumokil zijn gebleven. De Staat der Nederlanden dient zich tot het uiterste in te spannen de Republiek Indonesië te bewegen om de laatste rustplaats bekend te maken. Zijn weduwe, Nonja J. Soumokil-Taniwel, wijlen Thommy Soumokil, en het Molukse volk hebben daar recht op. Het gaat hier om door de Republiek Indonesië gepleegd misdrijf tegen de menselijkheid. Ook in deze kwestie rust op ons allen de plicht ons maximaal in te zetten dit doel te bereiken.
Geef daarom bij het lezen van deze nieuwjaarsboodschap niet enkel een oordeel, maar stel uzelf de vraag wat u concreet heeft gedaan- maar vooral wat u gaat doen om een bijdrage te leveren aan de strijd voor een vrij, vreedzaam en welvarend Maluku. Laat eenieder zijn verantwoordelijkheid nemen.
Pas dan geeft u inhoud aan het thema van de viering 25 april 2025 : “Ale dan Beta jang menentukan masa depan Maluku”.
Dit alles zeg ik u in de overtuiging en het vertrouwen -zoals neergelegd in de Preambule- dat de Almachtige Schepper ons op weg naar het herwinnen van de soevereiniteit van de Republik Maluku Selatan zal leiden en steunen.
Ik wens u allen een vreedzaam, gezond en strijdbaar 2026.
Met nationale groet,
Mena Muria
De regering in ballingschap van de Republiek der Zuid-Molukken,
J.G. Wattilete
President

